Nederlandse bedrijven verwachten nieuwe groei in 2026. Een recente peiling onder managers en ondernemers laat zien dat digitalisering en kunstmatige intelligentie kansen bieden. Tegelijk vrezen zij onzeker beleid en hogere lasten. Vooral de Europese AI-verordening en de gevolgen voor overheid en toezicht spelen mee.
Kansen door automatisering en AI
Veel organisaties willen in 2025 en 2026 extra investeren in automatisering. Ze richten zich op software die processen versnelt en fouten vermindert. Denk aan algoritmen in klantenservice, planning en verkoop.
Generatieve AI, systemen die zelf tekst, code of beeld maken, wordt vaker getest in kantoorwerk. Voorbeelden zijn Microsoft Copilot, Google Gemini en ChatGPT van OpenAI. Bedrijven gebruiken deze tools om rapporten te maken, e-mails te schrijven en code te controleren.
De belangrijkste winst zit in productiviteit en snellere doorlooptijden. Dat vraagt wel om goede data. Zonder duidelijke en schone gegevens falen datamodellen vaker of leveren ze onbetrouwbare uitkomsten op.
Politiek blijft grootste onzekerheid
Ondernemers maken zich zorgen over onduidelijk beleid in Den Haag. Fiscale wijzigingen, arbeidsmarktregels en subsidies veranderen geregeld. Dat maakt plannen voor 2026 lastiger.
Ook Europese regels vragen aandacht. De Digital Services Act, de Digital Markets Act en de AI-verordening vergen extra documentatie en controles. Dat kost tijd en geld, vooral bij middelgrote bedrijven.
Geopolitiek en toeleveringsketens blijven een risico. Denk aan chipbeperkingen, hogere energieprijzen en logistieke verstoringen. Bedrijven bouwen daarom vaker aan meerdere leveranciers en meer lokale opslag.
Europese AI-verordening gevolgen overheid
De AI-verordening (AI Act) treedt gefaseerd in werking. Vanaf 2026 gelden voor veel hoog-risico-toepassingen strikte eisen. Bedrijven moeten dan kunnen aantonen dat hun systemen veilig, uitlegbaar en menselijk te controleren zijn.
Hoog-risico-systemen zijn algoritmen die sterke invloed hebben op mensen, bijvoorbeeld in sollicitaties, krediet, zorg, onderwijs of handhaving.
De Europese Commissie werkt aan praktische richtlijnen en normen. In Nederland moet het kabinet op het moment van schrijven nog de bevoegde toezichthouders aanwijzen. De Autoriteit Persoonsgegevens ligt voor de hand bij privacy, terwijl de Rijksinspectie Digitale Infrastructuur wordt genoemd voor technische aspecten.
Voor overheden die AI inkopen betekent dit strengere aanbestedingen en acceptatietesten. Leveranciers moeten een conformiteitsbeoordeling en volledige documentatie leveren. Publieke diensten zullen hun algoritmeregisters en impactanalyses moeten bijwerken.
Investeren in data en vaardigheden
Succes met AI begint bij datakwaliteit. Dat betekent heldere definities, actuele brondata en duidelijke toegang. De AVG stelt daarbij eisen als dataminimalisatie en versleuteling.
Teams hebben nieuwe vaardigheden nodig. Medewerkers leren prompten, modeluitvoer beoordelen en privacyrisicoās herkennen. Organisaties trainen ook data stewards en ontwikkelaars in risicobeoordeling en documentatie.
Mkb-bedrijven zoeken vooral praktische hulpmiddelen en sjablonen. Zij kunnen terecht bij MKB Datalabs en de Nederlandse AI Coalitie voor workshops en begeleiding. Europese programmaās zoals Digital Europe bieden daarnaast vouchers en kennisnetwerken.
Publieke sector kan aanjagen
De overheid kan de markt versnellen met duidelijk inkoopbeleid. Vraag naar betrouwbare, uitlegbare systemen stimuleert goede oplossingen. Het Nederlands Algoritmeregister helpt daarbij met transparantie.
Toepassingen in zorg, mobiliteit en onderwijs zijn kansrijk, mits privacy-by-design wordt toegepast. Dat betekent standaard versleuteling, toegangscontrole en het vermijden van onnodige persoonsgegevens. Zo blijven diensten veilig Ʃn bruikbaar.
Tot slot is infrastructuur belangrijk voor 2026. Snelle netwerken, betaalbare cloud en energie voor datacenters bepalen het tempo. Met voorspelbaar beleid kan Nederland investeringen aantrekken en tegelijk risicoās beheersen.
Wat bedrijven nu doen
Organisaties starten met kleine, afgebakende AI-projecten met duidelijke meetpunten. Ze kiezen bestaande tools met auditlog, zoals Copilot of Gemini, en beperken toegang tot gevoelige data. Zo verzamelen ze bewijs van waarde Ʃn leren ze veilig opschalen.
Bedrijven richten een basispakket in voor governance van algoritmen. Dat omvat een register van modellen, een risicomatrix, en periodieke beoordelingen door juristen en security-specialisten. Deze aanpak sluit aan bij de AI-verordening en de AVG.
Wie al in 2025 begint met documentatie en testen, heeft in 2026 een voorsprong. Dan worden audits en aanbestedingen eenvoudiger. Dat kan het verschil maken wanneer de markt aantrekt.
