De wereldwijde markt voor fusies en overnames (M&A) groeit op het moment van schrijven met 40 procent. Bedrijven en investeerders zetten weer vol in, vooral in technologie en kunstmatige intelligentie. De activiteit is wereldwijd, met veel beweging in Europa en Nederland. De verwachting is dat het momentum aanhoudt tot in 2026, mede door dalende rente en de discussie over de Europese AI-verordening gevolgen overheid en bedrijven.
Groei trekt wereldwijd aan
De M&A-markt veert sterk op, met een toename van 40 procent op jaarbasis op het moment van schrijven. De terugkeer van grotere transacties geeft het sentiment extra steun. Ook het middenmarktsegment is actief, van software tot industriƫle maakbedrijven. Dat vergroot de dealstroom in meerdere sectoren tegelijk.
Technologie en digitale diensten vormen de kern van de groei. Bedrijven willen schaal, data en eigen algoritmen om concurrerend te blijven. Ook energie en gezondheidszorg laten meer beweging zien. Die sectoren vragen om digitale automatisering en datamodellen, wat extra deals oplevert.
In Europa en Nederland is vooral de grensoverschrijdende interesse toegenomen. Amerikaanse kopers kijken naar Europese software en halfgeleider-ecosystemen. Europese investeerders richten zich op cloud, cybersecurity en data-infrastructuur. Nederland valt op door een actieve middenmarkt en een sterk tech-ecosysteem.
Fusies en overnames (M&A) zijn transacties waarbij bedrijven samengaan of bedrijfsonderdelen van eigenaar wisselen, vaak om te groeien of te herstructureren.
AI drijft dealhonger
Generatieve AI zorgt voor extra dealhonger. Bedrijven kopen teams, data en modellen om sneller te innoveren. Voorbeelden van veelgebruikte AI-modellen zijn ChatGPT van OpenAI, Gemini van Google en Claude van Anthropic. Deze golf trekt ook leveranciers en adviesbureaus mee die AI in systemen en processen inbouwen.
Data is een strategisch bezit in deze deals. Kopers onderzoeken de herkomst van trainingsdata en licenties, om juridische risicoās te vermijden. Auteursrecht en privacy spelen hierbij een grote rol. Zonder duidelijke rechten kan een datamodel later waarde verliezen.
De vraag naar AI-infrastructuur trekt investeringen in cloud en halfgeleiders aan. Leveranciers als NVIDIA en AMD profiteren van de behoefte aan rekenkracht. In het Europese ecosysteem spelen partijen als ASML en NXP een sleutelrol in toelevering en tooling. Dat maakt de waardeketens complexer en vergroot het belang van langdurige partnerschappen.
Acqui-hiring, het overnemen van teams om talent te binden, komt vaker voor. Waarderingen verschuiven richting kwaliteit van omzet en robuustheid van modellen. Kopers beoordelen prestaties met meetbare metrics, zoals foutmarges en latency van systemen. Ook de kosten van inferentie en cloudgebruik tellen zwaarder mee.
AI-verordening verandert due diligence
De Europese AI-verordening (AI Act) zet nieuwe regels voor algoritmen en AI-systemen. De wet werkt met risicoklassen, van laag tot hoog risico, met bijbehorende plichten. De invoering loopt gefaseerd tot in 2026, op het moment van schrijven. Dit raakt direct de koopkeuring, ook wel due diligence genoemd.
Kopers moeten bij AI-doelen beoordelen of systemen in de hoge-risicocategorie vallen. Dan zijn documentatie, data-kwaliteit, logging en menselijk toezicht verplicht. Denk aan technische dossiers, āmodel cardsā en duidelijke gebruiksgrenzen. Niet-naleving kan leiden tot boetes en herbouwkosten, wat de prijs beĆÆnvloedt.
Voor de publieke sector spelen de Europese AI-verordening gevolgen overheid extra mee. Overheden en semi-publieke instellingen moeten grondrechten toetsen bij inzet van algoritmen. In Nederland sluit dit aan op het algoritmeregister en bestaande toetspraktijk. Leveranciers van AI aan de overheid moeten dit in contracten en audits aantoonbaar regelen.
Deze compliance-vereisten verschuiven waarderingen en dealstructuren. Kopers rekenen met kosten voor aanpassing en certificering. Bij twijfel kiezen partijen voor earn-outs of carve-outs om risicoās te beperken. Dat maakt deals flexibeler, maar ook technischer in de uitwerking.
Toets strenger in Europa
De Europese Commissie (DG COMP) kijkt scherper naar digitale markten en mogelijke ākiller acquisitionsā. Ook kleinere transacties kunnen worden onderzocht via doorverwijzing door lidstaten. Dat houdt de markt dynamisch, maar voegt tijd en complexiteit toe. Vroegtijdig overleg met toezichthouders helpt verrassingen te voorkomen.
De Digital Markets Act (DMA) verplicht aangewezen āgatekeepersā om overnames in het digitale domein te melden. Dit geeft de Commissie extra zicht op consolidatie rond grote platforms. De DMA werkt naast het gewone mededingingsrecht. Samen verhoogt dit de kans op diepere toetsing bij techdeals.
Europa bouwt tegelijk aan bredere investeringscontroles. De EU-kaderregeling voor FDI-screening breidt zich uit via nationale regimes. In Nederland geldt de Wet veiligheidstoets investeringen, fusies en overnames (Vifo) voor vitale processen en gevoelige technologie. Het Bureau Toetsing Investeringen (BTI) beoordeelt dergelijke transacties.
Een extra laag komt van de Foreign Subsidies Regulation (FSR). Die kan een melding eisen bij deals waarbij niet-Europese subsidies een rol speelden. Dit raakt bijvoorbeeld kopers met staatssteun uit derde landen. De optelsom van regels vraagt om strakke planning en dossieropbouw.
Financiering blijft bepalend
De financieringsmarkt knapt op door stabielere of dalende rentes in de EU. Banken en schuldfondsen keren terug met ruimere kredietlijnen. Investment grade-bedrijven en private equity vinden weer ruimte voor grotere tickets. Toch blijven voorwaarden en convenanten strikt.
Structuren worden creatiever om waarderingsgaten te dichten. Earn-outs, verkopersleningen en minderheidsdeals komen vaker voor. Ook joint ventures en carve-outs helpen om risicoās te delen. Daardoor kan strategische logica voorgaan, zelfs als de prijs nog schuurt.
Privacy en beveiliging zijn standaardonderdeel van de koopkeuring. De AVG vraagt dataminimalisatie en veilige overdracht bij integratie. Kopers kijken kritisch naar cloudcontracten, encryptie en internationale datastromen. Schrems II-risicoās en vendor lock-in kunnen de dealrationale aantasten.
Duurzaamheid telt zwaarder mee, mede door de CSRD-rapportage. Energieverbruik van datacenters en CO2-voetafdruk beĆÆnvloeden investeringsbeslissingen. In Nederland spelen netcongestie en vergunningen een rol bij uitbreidingen. Dat kan de timing van AI-infrastructuurdeals bepalen.
Vooruitblik naar 2026
Het basisscenario is aanhoudend momentum tot in 2026. Digitalisering en kunstmatige intelligentie blijven strategische speerpunten. Portefeuilles worden geherijkt richting winstgevende groei. Verkopers benutten het venster nu waarderingen aantrekken.
Tegelijk zijn er duidelijke risicoās. Geopolitiek, handelsspanningen en exportregels voor halfgeleiders kunnen plannen vertragen. Strengere toetsing door de Europese Commissie, ACM en de Britse CMA kan tot remedies leiden. Teams moeten daarom tijd reserveren voor scenarioās en integratieplannen.
Voor Europa en Nederland liggen kansen in software, cybersecurity en industriƫle automatisering. Ook digitale zorg en publieke dienstverlening vragen om betrouwbare algoritmen. Dat biedt ruimte voor publiek-private samenwerkingen. Goed databeheer en transparantie worden onderscheidend.
Wie nu koopt, kijkt verder dan snelle synergie. Robuuste governance, uitlegbare modellen en ethiek wegen zwaarder. Dat sluit aan bij de AI Act en verwachtingen van klanten en toezichthouders. Deals die dit borgen, hebben de beste kans om waarde vast te houden.
