Elke vraag aan een AI-chatbot kost water. Datacenters koelen hun chips met water, en een deel daarvan verdampt in koeltorens. Per vraag gaat het om een paar druppels, maar bij miljarden vragen per dag lopen die op tot miljarden liters per jaar. Ook in Nederland koelen de meeste datacenters op warme dagen met drinkwater.
Koeling
Een AI-antwoord ontstaat in een datacenter, een gebouw vol computers. De chips daarin rekenen miljarden keren per seconde. Dat kost stroom, en die stroom wordt warmte. Die warmte moet weg, anders raken de chips oververhit.
Daarom stroomt er koud water langs de servers. Het opgewarmde water gaat naar een koeltoren op het dak. Daar verdampt een deel, waardoor de rest afkoelt en terug naar binnen kan. Het verdampte water komt niet terug. Dat is het echte verbruik.
In Nederland komt dat koelwater vaak uit het drinkwaternet. Het is hetzelfde water als uit de kraan thuis.
Per vraag
Google en OpenAI hebben zelf cijfers gepubliceerd. Volgens Google kost een gemiddelde tekstvraag aan Gemini 0,26 milliliter water, ongeveer vijf druppels. Sam Altman van OpenAI noemt voor ChatGPT 0,32 milliliter, ongeveer een vijftiende theelepel. Hoe OpenAI dat berekende, heeft het bedrijf niet uitgelegd.
Onderzoekers zetten vraagtekens bij die lage cijfers. Ze tellen alleen het water dat in het datacenter zelf verdampt. Het water dat elektriciteitscentrales gebruiken om de stroom voor dat datacenter op te wekken, valt erbuiten. Bij de meeste datacenters is dat indirecte verbruik groter dan het directe.
Een onderzoek uit 2023 rekende beide mee. Een antwoord van 150 tot 300 woorden van GPT-3 kostte toen 16,9 milliliter water. Daarvan ging 2,2 milliliter op aan koeling en 14,7 milliliter aan het opwekken van stroom. Nieuwere modellen zijn zuiniger, maar het verschil laat zien hoeveel er buiten beeld blijft.
Totaal
Per vraag is het weinig. Opgeteld is het veel. Google verbruikte in 2025 10,9 miljard gallon water, ruim 41 miljard liter. Dat is 34 procent meer dan een jaar eerder en meer dan het dubbele van 2021.
Het grootste deel van die groei komt door datacenters, waar steeds meer AI op draait. Google zegt 78 procent van zijn verbruik te compenseren met waterprojecten in de gebieden waar het actief is.
Nederland
In Amsterdam-Zuidoost bouwt Equinix een datacenter met vier torens. Als die allemaal klaar zijn, mag het complex maximaal 1,1 miljard liter drinkwater per jaar gebruiken voor koeling. Dat is ruim 1 procent van al het water dat Waternet per jaar oppompt. Door de krapte op het stroomnet komt voorlopig alleen de eerste toren er, de rest pas na 2035.
Het is geen uitzondering. Volgens het rapport State of the Dutch Data Center uit 2024 zijn 79 procent van de Nederlandse colocatiedatacenters op warme dagen afhankelijk van drinkwater. Meestal koelen ze met buitenlucht. Pas boven ongeveer 25 graden komt er water aan te pas, zo’n 5 procent van de tijd.
Juist op die hete dagen is drinkwater het schaarst. Onderzoeksinstituut Deltares schat dat alle Nederlandse datacenters samen op de warmste zomerdagen maximaal 112.000 kubieke meter water per dag gebruiken. Dat is genoeg drinkwater voor ongeveer 1,3 miljoen mensen. De minister liet weten dat de drinkwatervoorziening in Noord-Holland daardoor niet in gevaar komt.
Oplossingen
Het kan ook zuiniger. Bij koeling direct op de chip stroomt een vloeistof door kleine plaatjes op de processors, in een gesloten systeem. Er verdampt dan nauwelijks iets. Microsoft ontwerpt sinds augustus 2024 nieuwe AI-datacenters die op die manier geen water meer gebruiken voor koeling.
Er zit wel een afweging aan. Equinix zegt dat koelen zonder water in Amsterdam meer stroom kost, en stroom is daar al krap. Sommige Nederlandse datacenters vangen daarom regenwater op om te koelen.
Per vraag kun je als gebruiker dus weinig doen. De keuzes die ertoe doen, vallen bij de bouw van een datacenter: welke koeling, welk water en hoeveel stroom.
