Beleggers stappen de laatste maanden in energie- en nutsaandelen in Europa en de VS. De reden is de snelle groei van kunstmatige intelligentie en nieuwe datacenters, die veel extra stroom vragen. De koersen lopen op, maar er is op het moment van schrijven geen duidelijk teken van een āenergiebubbelā. In Europa spelen ook de Europese AI-verordening en energie-regels mee, met gevolgen voor overheid en sector.
AI stuwt stroomvraag
Grote AI-modellen zoals ChatGPT (OpenAI), Gemini (Google) en Claude (Anthropic) draaien op zeer veel rekenchips. Deze chips gebruiken veel elektriciteit. Training is het leerproces van een model en kost de meeste stroom. Ook het dagelijkse gebruik, āinferenceā, vraagt steeds meer vermogen.
Het Internationaal Energieagentschap (IEA) verwacht een sterke toename van het stroomverbruik door datacenters. De groei komt door AI, cloud en cryptodiensten. Vooral AI versnelt die trend in Europa en Noord-Amerika. Hierdoor stijgt de vraag naar zowel basislast als flexibele piekcapaciteit.
IEA: datacenters kunnen in 2026 meer dan 1.000 TWh verbruiken, circa 4% van de wereldwijde elektriciteitsvraag.
Techbedrijven als Microsoft Azure, Google Cloud en Amazon Web Services bouwen nieuwe vestigingen in onder meer Nederland, Spanje en Denemarken. Zij sluiten langjarige stroomcontracten, ook wel PPAās. Een PPA is een vast prijs- en leveringscontract tussen afnemer en producent. Dit vergroot de vraag naar duurzame projecten, met leverzekerheid als harde eis.
De groei vraagt ook om zwaardere netten en koeling. Hoogspanningsbeheerders TenneT en Elia plannen miljardeninvesteringen. Dat geld gaat naar nieuwe kabels, transformatoren en gelijkstroomverbindingen. Zo moeten meer datacenters tegelijk kunnen draaien.
Beleggers kiezen nutsbedrijven
Op de beurs profiteert vooral de nutssector. Bedrijven als RWE, Enel, Iberdrola en Engie zien stabiele inkomsten en hogere investeringen. Ook gridbedrijven en kabelbouwers hebben volle orderboeken. In de VS en Europa schuift meer kapitaal richting stroom en infrastructuur.
Beleggers zoeken zekerheid in gereguleerde opbrengsten. Netbeheerders krijgen een vast rendement op investeringen, bepaald door toezichthouders. In Nederland stelt de Autoriteit Consument & Markt (ACM) die vergoeding vast. Dat verlaagt het risico op grote verliezen.
Olie- en gasgroepen zoals Shell en TotalEnergies liften mee via gascentrales en LNG. Gas levert snelle flexibiliteit wanneer wind en zon even tegenvallen. Een deel van de extra AI-vraag komt juist in pieken. Daardoor worden moderne gascentrales en batterijparken waardevoller.
Ook exploitanten van datacenters, zoals Equinix en Digital Realty, winnen terrein. Zij verdienen aan bezetting en aanvullende diensten. Hun klanten vragen steeds vaker om directe verbindingen met cloud- en AI-diensten. Dat verhoogt de behoefte aan nieuwe ruimte en stroomcontracten.
Geen tekenen van bubbel
De recente koersstijging voelt anders dan de techhausse van 2021. Bedrijven bouwen tastbare assets met voorspelbare kasstromen. Dat geldt voor netwerken, centrales en hernieuwbare parken. De inkomsten zijn vaak vastgelegd in langlopende contracten.
Daarmee oogt het geen klassieke bubbel, waarin prijzen losraken van de werkelijkheid. Wel is er concurrentie om projecten en personeel. Bouwkosten en rente drukken marges. Toch blijven veel investeringen rendabel door subsidies en gereguleerde tarieven.
Een risico is dat AI-efficiƫntie sneller verbetert dan gedacht. Nieuwe chips en slimmere software kunnen het verbruik per taak verlagen. Dan kan de verwachte stroomvraag afvlakken. Voorlopig groeit het gebruik echter sneller dan de besparing.
Een ander risico is beleid en vergunningen. Als procedures vertragen, komen inkomsten later op gang. Ook extra heffingen op overwinsten kunnen weging verleggen. Tot nu toe is van een brede correctie geen sprake.
Europese AI-verordening: gevolgen overheid
De EU trekt het datacenterbeleid aan via de vernieuwde Energiebesparingsrichtlijn. Grote datacenters moeten op het moment van schrijven hun energie- en watergebruik rapporteren in een Europese database. Dat geeft overheden zicht op pieken en verspilling. Het helpt bij ruimtelijke keuzes en netplanning.
De Europese AI-verordening raakt vooral hoe bedrijven algoritmen inzetten. De regels leggen plichten op rond risicobeoordeling en transparantie. Voor de overheid betekent dit extra aandacht voor energieverbruik in aanbestedingen. De combinatie van AI-verordening en AVG dwingt tot zuinige, veilige systemen.
REPowerEU en de herziening van het elektriciteitsmarktdesign moeten investeringen versnellen. Lidstaten zetten vaker contracten voor verschil in om wind en zon te bouwen. Een contract voor verschil is een overheidsgarantie op een vaste stroomprijs. Nederland gebruikt daarnaast SDE++-subsidies, wat PPAās met datacenters beter financierbaar maakt.
Het EU-ETS blijft de routekaart voor CO2-kosten. Dit is het Europese handelssysteem voor uitstootrechten. Een hogere prijs benadeelt kolen en maakt gas en hernieuwbaar aantrekkelijker. Voor AI-bedrijven wordt groene inkoop daarmee ook een kostenkwestie.
Nederland botst op netgrenzen
Nederland kampt met netcongestie. In veel regioās is geen vrije capaciteit voor nieuwe grootverbruikers. Datacenters en maakindustrie staan daardoor in de wachtrij. Tijdelijke oplossingen, zoals capaciteitsbeperkingen en curtailment, winnen terrein; curtailment is het tijdelijk afschakelen van productie of verbruik.
Netbeheerders TenneT, Liander, Enexis en Stedin werken aan forse uitbreidingen. Nieuwe stations, zwaardere kabels en slimme sturing moeten ruimte maken. Dat kost jaren en veel geld. Intussen vragen overheden om zuinige, deelbare aansluitingen.
Voor hyperscale datacenters gelden strikte randvoorwaarden. Gemeenten en provincies eisen hergebruik van restwarmte en duurzame inkoop. Ook worden locaties geconcentreerd in enkele aangewezen zones. Zo moet de druk op ruimte en net beter te sturen zijn.
Voor beleggers betekent dit: kansen met vertraging. Projectrendementen blijven redelijk, maar de doorlooptijd is lang. Degelijke planning en lokale inbedding worden cruciaal. Zonder netaansluiting ligt groei stil.
AI vraagt om flexibiliteit
De AI-golf verandert het energiesysteem. Niet alleen het volume groeit, ook de profielvraag verandert. Datacenters willen 24/7 betrouwbare stroom. Zij betalen steeds vaker voor flexibiliteit en noodvermogen.
Batterijen, demand response en groene waterstof vullen die vraag. Demand response is vraagsturing: afnemers passen hun verbruik kort aan. Sommige datacenters plaatsen eigen zonnepanelen en noodstroom op locatie. Warmte- en koudeopslag kan het koelen zuiniger maken.
Aan de kant van de algoritmen groeit de druk op efficiƫntie. Leveranciers werken aan zuinigere chips en software die met minder bits rekent. Elke besparing verlaagt de energierekening en CO2-uitstoot. Dat maakt AI breder inzetbaar in Europa.
Voor publieke diensten geldt: let op energie Ʃn recht. De Europese AI-verordening en de AVG vragen om dataminimalisatie en beveiliging. Overheden moeten dit meenemen in elk AI-project en inkoopcontract. Zo blijft innovatie betaalbaar en verantwoord.
