Op de Grote Markt in België staat sinds kort een AI-camera die registreert wanneer automobilisten fietsers voorbijsteken. Het doel is om gevaarlijke situaties beter te begrijpen en de verkeersveiligheid te verbeteren. De beelden dienen voor tellingen en analyse, niet voor boetes. De inzet raakt aan privacyregels (AVG) en aan de Europese AI-verordening, met mogelijke gevolgen voor overheden die zulke systemen gebruiken.
Geen boetes voorzien
De gemeente start een proefopstelling om inzicht te krijgen in inhaalbewegingen rond een druk plein. Het systeem telt hoe vaak auto’s fietsers passeren en op welke momenten dat gebeurt. Met die informatie wil de stad gericht maatregelen voorbereiden.
Er is geen juridische handhaving gekoppeld aan de camera. Dat betekent dat kentekens niet nodig zijn om het doel te bereiken. De focus ligt op bewustwording van bestuurders en op mogelijke aanpassingen aan de inrichting van de straat.
De proef moet vooral duidelijk maken waar het krap of onoverzichtelijk is. Zo kan de gemeente prioriteit geven aan plekken met het meeste risico. Bewoners en weggebruikers worden via communicatiekanalen geïnformeerd over het doel van de metingen.
“Het is niet de bedoeling om te gaan beboeten.”
Zo werkt de camera
De AI-camera gebruikt beeldherkenning: software die objecten op videobeelden herkent, zoals auto’s en fietsen. Het algoritme registreert interacties tussen weggebruikers en telt voorbijsteekacties. De uitvoerende leverancier is op het moment van schrijven niet publiek bekendgemaakt.
De analyse levert geanonimiseerde tellingen en patronen op, zoals piekuren en drukke routes. De rapporten helpen om het effect van eventuele maatregelen later te vergelijken. Denk aan het meten van verschil voor en na een nieuwe markering of verkeersdrempel.
Menselijk toezicht blijft aanwezig bij de interpretatie van de data. Ambtenaren beoordelen de uitkomsten in samenhang met klachten, ongevallenregistraties en terreinbezoeken. Zo voorkomt de gemeente dat losse meetpunten tot verkeerde conclusies leiden.
Privacy onder de AVG
Cameratoezicht in de openbare ruimte valt onder de AVG. Dat vraagt om een duidelijke doelomschrijving, dataminimalisatie en beperkte bewaartermijnen. Een Data Protection Impact Assessment (DPIA) is doorgaans nodig bij dit soort verwerkingen.
Burgers moeten worden geïnformeerd, bijvoorbeeld met bordjes bij de camera en een online privacyverklaring. Toegang tot ruwe beelden moet strikt worden beperkt en versleuteling is aanbevolen. Alleen geaggregeerde data zou de gemeente hoeven te gebruiken voor beleid.
Omdat het systeem niet voor handhaving is bedoeld, zijn gezichts- of nummerplaatherkenning niet nodig en moeten die worden vermeden. Dat verkleint het privacyrisico voor voorbijgangers. Transparantie over bewaartermijnen en doelen blijft daarbij essentieel.
AI-verordening voor gemeenten
De Europese AI-verordening (AI Act) treedt gefaseerd in werking en legt eisen op aan hoog-risico AI-systemen. Toepassingen voor verkeersbeheer door overheden kunnen in zo’n categorie vallen. Dan gelden verplichtingen voor risicobeheer, datakwaliteit, documentatie en menselijk toezicht.
Als een gemeente AI inzet voor beleid en statistiek, blijft de AVG het belangrijkste kader. Maar zodra AI een rol krijgt in besluitvorming met directe gevolgen voor burgers, worden de AI Act-eisen zwaarder. Overheden en leveranciers moeten daar in de inkoop en techniek al op voorsorteren.
Mocht de inzet ooit verschuiven naar handhaving, dan komen ook nationale regels voor cameragebruik en boeteprocedures in beeld. Nauwkeurigheid en uitlegbaarheid van het model worden dan cruciaal. De huidige proef houdt die stap bewust buiten de deur.
Wat de stad leert
De metingen laten zien waar en wanneer voorbijsteken vaak gebeurt. Dat helpt bepalen waar extra ruimte of bescherming voor fietsers nodig is. Ook kan de stad zien of communicatiecampagnes effect hebben.
Maatregelen kunnen variëren van aangepaste markeringen tot snelheidsremmers of een andere verkeerscirculatie. Kleine ingrepen op zichtlijnen of bochten kunnen al verschil maken. De data maakt het eenvoudiger om keuzes te onderbouwen richting bewoners en raad.
Op termijn kan de gemeente resultaten delen met politie en mobiliteitsdiensten. Zo ontstaan gerichte controles op drukke momenten, zonder permanente handhaving. Het uitgangspunt blijft: eerst meten en verbeteren, niet beboeten.
Effect voor weggebruikers
Voor fietsers kan de proef leiden tot veiliger routes en meer voorspelbaar gedrag van automobilisten. Voor bestuurders verandert er niets aan de regels, maar de bewustwording neemt toe. De stad kan tijdelijke borden of campagnes inzetten om gewenst gedrag te ondersteunen.
Bewoners krijgen zo inzicht in hoe hun plein wordt gebruikt. Dat vergroot draagvlak voor gerichte aanpassingen. De combinatie van meten en transparant communiceren versnelt het besluitvormingsproces.
Als de proef positieve resultaten toont, kan uitrol naar andere drukke kruispunten volgen. Daarbij blijven de AVG en de AI Act het toetsingskader. Zo groeit het gebruik van slimme camera’s stap voor stap, met oog voor rechten van burgers.
