Een topbestuurder van ASML waarschuwt dat Brussel met strenge regels AI-bedrijven uit Europa wegjaagt. De chipmachinemaker uit Veldhoven zegt dat start-ups en ontwikkelaars naar de VS en het VK uitwijken. De uitspraak werd deze week gedaan in Nederland, op het moment dat de Europese AI-verordening bijna van kracht wordt. Reden: hoge lasten, onduidelijke eisen en traag beleid rond vergunningen en toezicht.
Streng beleid remt start-ups
ASML ziet dat jonge bedrijven moeite hebben om aan nieuwe regels te voldoen. De kosten voor juristen, audits en documentatie lopen snel op. Ook duurt het volgens het bedrijf te lang voordat toezichthouders duidelijkheid geven. Daardoor kiezen teams sneller voor andere landen met snellere procedures.
De Europese AI-verordening (AI Act) werkt met risicoklassen voor systemen. Hoe hoger het risico, hoe meer plichten gelden. Denk aan duidelijke handleidingen, strengere datakwaliteit en technische testen. Voor kleine bedrijven is dat een forse drempel.
In de VS en het VK is het kader op dit moment lichter en meer op principes. Daar is sneller toegang tot kapitaal en rekenkracht. Dat maakt de stap om te verhuizen kleiner. ASML vreest dat Europa hierdoor innovatieve bedrijven en banen verliest.
AI-verordening verhoogt drempels
De AI Act legt ook eisen op aan zogenoemde algemene AI-modellen. Dat zijn brede datamodellen die veel taken aankunnen, zoals grote taalmodellen. Leveranciers moeten veiligheidsrisico’s beoordelen en melden, en de herkomst van data beter vastleggen. Dit komt bovenop CE-markering voor ‘hoog-risico’-toepassingen in sectoren als zorg en werk.
De invoering gebeurt gefaseerd vanaf 2025 tot 2026, op het moment van schrijven. Veel praktische regels (uitvoering en richtsnoeren) volgen nog. Start-ups weten daardoor niet precies wat straks telt als voldoende bewijs. Die onzekerheid vertraagt investeringen en deals met klanten.
“Brussel jaagt AI-bedrijven weg.”
Er komen wel tijdelijke ‘regulatory sandboxes’. Dat zijn testomgevingen met begeleiding van toezichthouders. Maar die staan nog niet overal open en hebben beperkte capaciteit. Ondertussen tikken kwartaaldoelen en financieringsrondes door.
Concurrentie om talent en kapitaal
Kapitaal en rekenkracht trekken nu naar de VS. Grote cloudplatforms bieden daar snel GPU-clusters aan voor AI-training. In Europa groeit EuroHPC met supercomputers als LUMI en Leonardo, maar toegang voor bedrijven is nog versnipperd. Daardoor verliezen Europese ontwikkelteams tempo.
ASML wijst erop dat AI de vraag naar chips aanjaagt. Zonder sterk AI-ecosysteem in Europa profiteert de waardeketen hier minder. Dat raakt ook kennis, toeleveranciers en opleidingen. Wie het software- en modelniveau mist, verliest invloed op standaarden.
Er zijn wel Europese spelers die doorbreken, zoals Mistral AI in Frankrijk en Aleph Alpha in Duitsland. Zij bouwen eigen taalmodellen en halen geld op. Toch blijft het financieringsgat met de VS groot. Dat maakt Europa kwetsbaar in de race om talent.
AI-verordening: impact op overheid
De AI Act heeft ook gevolgen voor de overheid. Toepassingen in werk, onderwijs, zorg en politie vallen vaak in de ‘hoog-risico’-klasse. Leveranciers moeten dan strikte documentatie en controles leveren. Kleine partijen kunnen daardoor moeilijker aan aanbestedingen meedoen.
De AVG geldt bovendien bij training en inzet van modellen met persoonsgegevens. Eisen als dataminimalisatie en versleuteling vragen om extra techniek en procesafspraken. Dat is goed voor privacy, maar kost tijd en geld. Overheden zullen daarom scherper moeten inkopen en toetsen.
Voor burgers betekent dit mogelijk veiligere systemen, maar ook tragere introductie van nieuwe diensten. Gemeenten en ministeries kunnen tijdelijk afhankelijker worden van grote aanbieders. Die hebben de middelen om snel aan alle regels te voldoen. Het risico op lock-in neemt zo toe.
Nederland kan bijsturen
Snellere vergunningen en duidelijke richtsnoeren kunnen lucht geven. Denk aan één loket voor vragen over AI-compliance. Toezichthouders als de Autoriteit Persoonsgegevens en markttoezichthouders kunnen gezamenlijke handreikingen maken. Dat voorkomt dat regels per sector anders uitpakken.
Investeringen in rekenkracht via SURF en Europese data-ruimtes helpen ook. Open, veilige datasets maken het eenvoudiger om aan de AI Act te voldoen. Het Nationaal Groeifonds en Invest-NL kunnen vroege fases financieren. Zo krijgen start-ups tijd om hun documentatie en testen op orde te brengen.
In Brussel kan Nederland sturen op uitvoerbare details van de AI Act. Heldere definities en proportionele eisen voor kleine aanbieders zijn daarbij cruciaal. Ook het snel openen van werkende sandboxes is belangrijk. Dat houdt ontwikkelteams en banen in Europa.
ASML ziet ketenrisico’s
ASML is op het moment van schrijven Europa’s grootste leverancier van chipmachines. Het bedrijf leeft van vraag naar nieuwe chips voor onder meer datacenters en AI-systemen. Als AI-bedrijven Europa verlaten, verdwijnt ook kennisuitwisseling met toeleveranciers. Dat kan de hele keten verzwakken.
De Nederlandse halfgeleidersector leunt op een netwerk van gespecialiseerde makers. Denk aan optica, mechatronica en software. Minder AI-innovatie dichtbij betekent minder prikkels voor die bedrijven. Zo raakt beleid voor algoritmen ook industriële kracht.
De boodschap van ASML is daarom vooral een oproep tot tempo. Niet om regels te schrappen, maar om ze duidelijk en uitvoerbaar te maken. En om investeringen en testlocaties snel beschikbaar te krijgen. Zodat Europese AI-bedrijven kunnen groeien binnen de wet, en niet erbuiten.
