Google heeft met een nieuwe strategische zet onrust veroorzaakt op de chipbeurs. In enkele dagen verdampte wereldwijd honderden miljarden dollars aan beurswaarde bij halfgeleiderbedrijven. Beleggers vrezen minder vraag naar grafische chips, omdat Google meer inzet op eigen AI-hardware in zijn datacenters. Voor Europese bedrijven en overheden die moeten voldoen aan de Europese AI-verordening, kan goedkopere rekenkracht tegelijk kansen en risico’s brengen.
Google zet in op TPUs
Google gebruikt steeds vaker eigen Tensor Processing Units (TPU’s) voor kunstmatige intelligentie in plaats van standaard grafische chips (GPU’s). Een TPU is een speciaal type chip dat rekentaken voor neurale netwerken versnelt. De chips draaien trainingen en antwoorden (inference) voor het AI-model Gemini in de cloud van Google. Zo kan het bedrijf prestaties en kosten strakker sturen.
Door die verschuiving kan Google minder afhankelijk worden van externe leveranciers zoals Nvidia en AMD. Google optimaliseert tegelijk zijn softwarestapel, zoals XLA en JAX, zodat modellen efficiënter op TPU’s draaien. Dat maakt dezelfde AI-taak mogelijk met minder energie of minder chips. Voor investeerders is dat een signaal dat de groei in AI niet één-op-één naar GPU-verkoop hoeft te vertalen.
Google Cloud biedt toegang tot verschillende TPU-generaties naast GPU’s. Daardoor kunnen bedrijven per werkbelasting de goedkoopste of snelste optie kiezen. Vooral grote taalmodellen en zoektoepassingen profiteren van die keuzevrijheid. Dit zet druk op prijzen en marges in de hele keten.
Chipkoersen klappen omlaag
Na de aankondigingen rondom Google’s AI-hardware daalden chipkoersen in de VS en Azië fors. Beleggers rekenen nu op lagere toekomstige vraag naar GPU’s bij de grootste afnemers, de zogenoemde hyperscalers. Analisten verlagen groeiverwachtingen of schuiven omzet naar later. Dat zorgde voor brede verkoopdruk in de halfgeleidermarkt.
Ook Europese aandelen bewoog mee, met schommelingen bij ASML, ASM International en BE Semiconductor. Op het moment van schrijven is de volatiliteit hoog en verschillen de dagbewegingen per fonds. Het sentiment wordt gedomineerd door verwachtingen over AI-investeringen in 2026 en daarna. Nieuws van grote cloudbedrijven werkt direct door in waarderingen van toeleveranciers.
De kern van de marktreactie: als meer AI-rekenwerk op maatwerkchips draait, is de totale vraag naar standaard GPU’s onzekerder. Tegelijk blijft de structurele AI-vraag groot, maar mogelijk anders verdeeld over chips, geheugen en netwerkapparatuur. Dat maakt de waardering van individuele spelers gevoeliger voor strategiekeuzes van Big Tech. Beleggers zoeken daardoor meer zekerheid in de keten.
In enkele handelsdagen werd wereldwijd “honderden miljarden dollars” aan beurswaarde bij chipbedrijven uitgewist, doordat beleggers nieuwe vraagscenario’s voor AI-hardware inprijzen.
Hyperscalers bouwen eigen silicium
Hyperscalers zijn de grootste cloudbedrijven, zoals Google, Amazon, Microsoft en Meta. Zij ontwerpen steeds vaker eigen chips om kosten en prestaties te beheersen. Naast Google’s TPU zijn er Amazon Trainium en Inferentia, Microsoft Maia en Cobalt, en Meta’s MTIA. Deze maatwerkchips zijn afgestemd op hun eigen AI-modellen en software.
Die verticale integratie kan de prijs per getraind model of per AI-antwoord flink verlagen. Een lager kostenniveau maakt nieuwe diensten haalbaar, zoals realtime assistenten en multimodale zoekfuncties. Voor Google geldt dat Gemini en de TPU-architectuur nauw op elkaar aansluiten. Dat levert efficiëntie op die met standaardhardware lastiger is.
Voor traditionele chipleveranciers betekent dit druk op volumes en prijzen, maar de vraag verdwijnt niet. De industrie verschuift richting geavanceerd geheugen (HBM), snellere netwerken en energiezuinige datacenters. Foundries zoals TSMC blijven onmisbaar voor de productie van zowel GPU’s als TPU’s. In Europa blijft de rol van ASML cruciaal door zijn lithografiemachines.
Europese kaders sturen keuzes
De Europese AI-verordening (AI Act) stelt straks extra eisen aan risicobeheer, transparantie en documentatie bij AI-systemen. Lagere rekenkosten kunnen bedrijven helpen om die verplichtingen praktisch uit te voeren, bijvoorbeeld door meer testcycli te draaien. Tegelijk vergroot gebruik van één cloudaanbieder het risico op afhankelijkheid. Europese inkopers moeten daarom scherp kijken naar portabiliteit en exit-opties.
Voor publieke diensten en zorginstellingen in Nederland spelen ook de AVG en dataminimalisatie. Wie AI in de cloud inzet, moet contractueel borgen dataminimalisatie, versleuteling en duidelijke datalokatie. Bij gebruik van Google Cloud met TPU’s hoort dus een toets op privacy, beveiliging en auditlogs. Dit voorkomt dat compliance pas achteraf wordt ingehaald.
Daarnaast groeit de aandacht voor energieverbruik en netcapaciteit van datacenters in de EU. Efficiëntere chips kunnen het stroomverbruik per taak verlagen, maar de totale vraag kan blijven stijgen. Nationale toezichthouders en gemeenten sturen op locaties, koeling en hernieuwbare energie. Dat raakt direct aan de uitrolsnelheid van AI-diensten in Europa.
Wat dit kan betekenen
Voor ontwikkelaars betekent dit meer keus tussen GPU en TPU, elk met eigen tools en kosten. Een TPU is nu vooral beschikbaar via Google Cloud, wat de overstap naar andere clouds kan bemoeilijken. Multi-cloud strategieën en open standaarden worden daarom belangrijker. Dat verkleint het risico op vastzitten aan één leverancier.
Voor de chipsector kan de vraag verschuiven van pure rekenchips naar geheugen, packaging en netwerken. ASML blijft profiteren van de vraag naar geavanceerde productietechnieken, ongeacht of het om GPU’s of TPU’s gaat. Europese toeleveranciers in packaging en test kunnen ook winnen. Maar waarderingen blijven schokgevoelig voor besluiten van Big Tech.
Voor beleidsmakers is weerbaarheid van de toeleverketen een prioriteit, naast de AI-verordening. De Europese Chips Act beoogt meer productie en innovatie in de regio. De recente beursbewegingen onderstrepen hoe snel machtsverhoudingen in AI-hardware draaien. Dat vraagt om wendbaar beleid en slimme inkoop bij overheid en bedrijfsleven.
