De Portugese marine heeft deze week een Russische onderzeeër waargenomen in Portugese wateren. Het vaartuig voer door de exclusieve economische zone en werd op afstand gevolgd. Er was geen sprake van een incident of het binnenvaren van de territoriale zee. Het toezicht gebruikt sensoren en algoritmen; de Europese AI-verordening heeft gevolgen voor civiele diensten, maar geldt op het moment van schrijven niet voor defensie.
Marine houdt toezicht
De Marinha Portuguesa meldde dat een Russische onderzeeboot is gedetecteerd in de Portugese exclusieve economische zone (EEZ). De EEZ is de economische zeezone buiten de 12 zeemijl territoriale wateren. De marine hield toezicht op afstand en deelde informatie binnen de NAVO-keten. Er zijn geen gevaarlijke manoeuvres gemeld.
De EEZ valt onder het VN-Zeerechtverdrag (UNCLOS). Buitenlandse oorlogsschepen mogen daar doorvaren, zolang zij het internationaal recht respecteren. Dat maakt dit soort passages op zichzelf niet ongebruikelijk. Monitoring is wel standaard vanwege veiligheid en situational awareness.
Het type onderzeeër is op het moment van schrijven niet publiek bevestigd. Het toezicht wordt doorgaans afgestemd via Allied Maritime Command (MARCOM) in Northwood. Meerdere NAVO-landen wisselen daarbij posities en beelden uit. Doel is voorspelbaar en veilig scheepvaartverkeer te houden.
Activiteit in Atlantische corridor
NAVO-marines melden sinds 2022 vaker Russische marinedoorgangen langs de Europese westkust. Het gaat om transits van en naar de Noord-Atlantische Oceaan. Deze route raakt vitale handels- en datalijnen. Daardoor is vroegtijdige detectie belangrijker geworden.
Portugal ligt strategisch aan de toegang tot de centrale Atlantische Oceaan. De archipels Azoren en Madeira vergroten het te bewaken gebied. Dat vergt samenwerking met buurlanden en NAVO-staven. Ook civiele diensten leveren data aan, bijvoorbeeld over weer en zeecondities.
De Portugese exclusieve economische zone beslaat circa 1,7 miljoen vierkante kilometer.
AI helpt onderzeebootjacht
Onderzeebootdetectie gebruikt sonar, dat is geluidsonderzoek onder water. Algoritmen herkennen patronen in akoestische data en filteren ruis. Dit heet sensorfusie: het slim combineren van verschillende meetbronnen. Zo ontstaat sneller een betrouwbaar beeld op zee.
Europese projecten zoals OCEAN2020 (onder leiding van de Europese Defensieagentschap, EDA) en MARISA ontwikkelden datafusie en besluitondersteuning. De Europese Maritieme Veiligheidsagentschap (EMSA) in Lissabon koppelt satellietinformatie uit Copernicus aan maritieme datastromen voor situational awareness. Zulke systemen gebruiken steeds vaker machine learning, een vorm van kunstmatige intelligentie. Zij rangschikken signalen en prioriteren meldingen voor operators.
Er zijn ook beperkingen. Golven, biologisch geluid en scheepvaart kunnen vals alarm geven. Daarom blijft menselijke duiding vereist bij hoog-risico beslissingen. NAVO-testcentra, zoals het Centre for Maritime Research and Experimentation, werken aan minder fouten en duidelijke uitleg bij modeluitkomsten.
AI-verordening niet van toepassing
De Europese AI-verordening (AI Act) geldt niet voor militaire of nationale veiligheidstoepassingen. Dat beperkt de directe impact op onderzeebootjacht door krijgsmachten. De verordening heeft wél gevolgen voor overheidstaken die civiel zijn, zoals kustwacht- of haventoezicht. Dat raakt de “Europese AI-verordening gevolgen overheid”-discussie in de maritieme sector.
Voor civiele diensten zoals EMSA en nationale kustwachten gelden de AI Act en de AVG. Eisen zijn onder meer duidelijke documentatie, dataminimalisatie en robuuste beveiliging. Bij hoog-risico toepassingen hoort strenge test- en toezichtplicht. Dit moet fouten verminderen en uitlegbaarheid vergroten.
Daarnaast spelen NIS2 en de CER-richtlijn voor kritieke entiteiten, die op het moment van schrijven in EU-lidstaten worden ingevoerd. Deze regels verplichten havens, reders en kabelbeheerders tot risicobeheer en incidentmelding. Ze versterken ketenveiligheid, ook als defensie en civiele partijen data delen. Zo sluiten beleid en techniek beter op elkaar aan.
Kritieke kabels nabij Portugal
Voor de Portugese kust landen meerdere trans-Atlantische datakabels, zoals EllaLink (Sines–Brazilië) en Equiano (Portugal–Afrika). Zij dragen Europees internet- en cloudverkeer. Onderzeese infrastructuur is kwetsbaar voor schade en sabotage. Extra zeebeveiliging is daarom een prioriteit.
NAVO en EU werken samen aan bescherming van kritieke onderzeese infrastructuur. NAVO’s coördinatiecel voor kabels en pijpleidingen en de gezamenlijke EU–NAVO-taskforce verbeteren informatie-uitwisseling. Meer patrouilles en betere sensordekking moeten afwijkingen sneller tonen. Daarin spelen algoritmen voor patroonherkenning een groeiende rol.
Ook voor Nederland is dit relevant, door drukke Noordzeeroutes en offshore-energie. De Koninklijke Marine en Kustwacht investeren in onderzeebootbestrijding en maritieme situational awareness. Nederland schaft bovendien P-8A Poseidon-maritieme patrouillevliegtuigen aan, met levering later dit decennium. Dat versterkt de gezamenlijke NAVO-bewaking van zeewegen en kabels.
