Bedrijven zetten steeds vaker AI-agenten in met tools als Microsoft Copilot, Google Gemini voor Workspace en OpenAI GPTs. Securityteams zien dat identiteitsbeheer hiervoor tekortschiet. Dat vergroot het risico op misbruik en datalekken in Nederland en Europa. Aanpassingen zijn urgent door de AVG en de Europese AI-verordening, die op het moment van schrijven gefaseerd ingaat vanaf 2025.
IAM past niet bij agents
Een AI-agent is software die namens een gebruiker of dienst acties uitvoert in andere systemen. Huidige identity- en accessmanagement (IAM) is gebouwd voor mensen, niet voor autonome software. Daardoor krijgt een agent vaak een generieke of gedeelde āserviceaccountā. Dit maakt het moeilijk om precies te zien wie wat heeft gedaan.
Bestaande inlogmethoden zoals SSO en OAuth 2.0 werken wel, maar geven vaak brede, langdurige toegang. Een agent kan dan veel meer data en functies gebruiken dan nodig is. Dat past niet bij het principe van āleast privilegeā, waarbij je alleen rechten geeft die strikt nodig zijn. Bedrijven missen zo fijnmazige controle per taak of per agent.
In suites als Microsoft 365 en Google Workspace kunnen AI-functies e-mails lezen, documenten openen en berichten sturen. Zonder duidelijke identiteiten per agent is het lastig om acties aan een persoon of team te koppelen. Dat ondermijnt verantwoordelijkheid en toezicht. Ook maakt het onderzoek na een incident ingewikkelder.
Een AI-agent is een systeem dat zelfstandig stappen zet om een doel te halen, zoals een document zoeken en versturen, of een ticket aanmaken in een helpdesk.
Onvoldoende zicht en audittrail
Auditlogs registreren vaak alleen dat een āappā iets deed. Ze tonen niet welke specifieke agent, prompt of taak de actie startte. Daardoor ontbreekt context, zoals het doel, de bron van de data en de goedkeuring. Voor compliance en forensisch onderzoek is die context essentieel.
Unieke identiteiten voor elke agent helpen om acties te volgen. Koppel daarbij metadata, zoals de opdrachtgever, het gebruikte model en de toegestane taken. Zo ontstaat een spoor dat je kunt nalopen. Dat verbetert zowel security als uitleg aan toezichthouders.
Ook lifecyclebeheer schiet vaak tekort. Agents worden snel aangemaakt voor pilots en daarna niet netjes uitgefaseerd. Zonder automatische intrekking van rechten blijven toegangstokens actief. Dit vergroot het risico op misbruik of datalekken.
Te brede rechten en tokens
Toegang via APIās gebeurt meestal met tokens die veel bevoegdheden geven en lang geldig zijn. Bij AI-agents is dat onhandig en risicovol. Een token kan uitlekken via een fout in een plug-in of door promptinjectie, een truc waarbij invoer het model misleidt. Dan krijgt een aanvaller langdurig toegang.
Organisaties hebben kortdurende, taakgebonden tokens nodig. Denk aan rechten die minuten gelden en alleen voor ƩƩn bewerking. Attribute-based access control (ABAC) kan helpen, omdat regels dan kijken naar context zoals tijd, locatie en het type taak. Dat is flexibeler dan vaste rollen (RBAC).
Leveranciers van privileged access management en secrets management, zoals CyberArk en HashiCorp, bieden al functies voor machine-identiteiten. Grote cloudplatformen zoals Microsoft Entra ID en Google Cloud IAM ondersteunen workload-identiteiten. Toch zijn beleidsregels voor AI-agents vaak nog handwerk. Dat maakt grootschalige en veilige inzet lastig.
Europese regels dwingen verandering
De AVG vereist dataminimalisatie en doelbinding. Te brede agent-rechten botsen daarmee. Organisaties moeten kunnen uitleggen waarom een agent toegang had en of data versleuteld en beperkt verwerkt is. Zonder goede logging en identiteiten is dat moeilijk.
De Europese AI-verordening (AI Act) vraagt extra zorgplicht bij hoogrisico-toepassingen. Denk aan HR, kredietbeoordeling of publieke dienstverlening. Wie daar agents inzet, moet strengere documentatie, monitoring en menselijk toezicht regelen. Op het moment van schrijven gaan verplichtingen gefaseerd gelden tussen 2025 en 2026.
Ook NIS2 en sectorregels verhogen de lat voor toegangsbeheer en incidentrespons. Voor Nederlandse overheidsinstellingen en vitale aanbieders betekent dit concreet: aantoonbare controle over wie of wat toegang heeft, en snelle detectie van misbruik. Sterk identiteitsbeheer voor niet-menselijke accounts wordt daarmee een compliance-eis, geen luxe.
Praktische stappen voor organisaties
Begin met een inventaris van alle niet-menselijke identiteiten, inclusief agents, bots en serviceaccounts. Geef elke agent een unieke identiteit en duidelijke eigenaar. Leg vast waar de agent bij mag, met welk doel en hoe lang. Zet automatische uitfasering aan voor pilots en tests.
Beperk rechten tot de taak en maak tokens kort geldig. Overweeg just-in-time toegang met expliciete goedkeuring voor gevoelige acties. Voeg controles toe in de keten: bijvoorbeeld een menselijke check voordat een agent een betaling initieert of data deelt buiten de organisatie. Zo voorkom je stille escalatie.
Versterk logging met context: prompt, gebruiker, agent-ID, dataset en resultaat. Koppel logs aan SIEM en vraag leveranciers als Microsoft, Google, ServiceNow en Salesforce om uitgebreide auditdata. Voer een DPIA uit voor agent-scenarioās en leg vast hoe je voldoet aan AVG en AI Act. Train teams op risicoās zoals promptinjectie en datalekken via connectors.
Leveranciers lopen nog achter
Grote platforms breiden hun identiteits- en beheerfuncties uit voor agents, maar dekking is wisselend. Microsoft Copilot, Google Gemini for Workspace en Salesforce Einstein bieden beheerdersinstellingen, maar fijnmazige rechten per taak ontbreken vaak nog. Ook standaardisatie voor agent-identiteiten staat aan het begin. Dat belemmert interoperabiliteit tussen tools.
Beheerders vragen om kortdurende, taakgebonden machtigingen, betere SCIM-provisioning voor agents en rijke auditlogs. Daarnaast is behoefte aan duidelijke garanties over datagebruik door modelproviders zoals OpenAI en Anthropic. Die moeten passen bij AVG-eisen en contracten. Zonder die duidelijkheid remmen security- en juridische teams uitrol af.
De markt beweegt snel, maar beleid en techniek moeten gelijk oplopen. Stel nu inkoopvoorwaarden op voor AI-diensten, inclusief identiteitsbeheer, logging en dataminimalisatie. Zo dwing je verbeteringen af bij leveranciers en beperk je lock-in. Ondertussen blijft het advies simpel: geen agent zonder eigen identiteit en scherpe grenzen.
