Energiebedrijven en overheden in Europa en de VS zetten in op extra gascentrales. Zij willen de snel groeiende stroomvraag van AI-datacenters voor ChatGPT (OpenAI), Gemini (Google) en Llama (Meta) opvangen. In Nederland speelt tegelijk een recordboete voor Tata Steel IJmuiden na milieuschendingen. De keuzes raken elkaar: leveringszekerheid voor algoritmen versus klimaatdoelen en Europese AI-verordening gevolgen overheid.
Gascentrales door AI-vraag
AI-training en -gebruik vragen veel stroom en moeten vaak 24 uur per dag doorlopen. Datacenters met GPU-clusters voor modellen als GPT-4o en Gemini Advanced vragen een stabiele, flexibele energiebron. Energiebedrijven kiezen daarom vaker voor gascentrales die snel kunnen op- en afregelen. Dat past beter bij pieken door rekenwerk dan alleen zon en wind.
De draai naar gas botst met klimaatplannen. Gas stoot minder CO2 uit dan kolen, maar is niet klimaatneutraal. Extra gasvermogen kan de CO2-doelen in de EU (Fit for 55) onder druk zetten. Dat dwingt bedrijven tot aanvullende maatregelen zoals CO2-afvang of stevige vergroening van hun stroommix.
Ook techbedrijven spelen hierin een rol. Microsoft, Google en Amazon tekenen langdurige stroomcontracten met wind- en zonneparken, maar houden back-up nodig voor beschikbaarheid van diensten als Copilot en Gemini. Zonder voldoende opslag of vraagsturing blijft gas aantrekkelijk als vangnet. Dat maakt de energiemix voor AI voorlopig hybride.
Een piekcentrale is een gasgestookte centrale die snel kan starten en stoppen om vraagpieken op te vangen wanneer zon en wind tekortschieten.
Netcongestie remt datacenters
In Nederland is het stroomnet op veel plekken vol. Netbeheerder TenneT waarschuwt voor wachtrijen bij grote aansluitingen, precies de categorie waar AI-datacenters onder vallen. Regioās met bestaande locaties, zoals de Eemshaven en Noord-Holland Noord, lopen tegen grenzen aan. Dat dwingt tot keuzes over wie wanneer kan uitbreiden.
Het kabinet hanteert aangescherpt beleid voor hyperscale datacenters en weegt ruimtelijke impact, watergebruik en warmtebenutting mee. Gemeenten en provincies stellen strengere voorwaarden in vergunningen, onder de Omgevingswet. Warmte hergebruiken in een warmtenet en zuinig koelen worden vaker verplicht gesteld.
Gascentrales gelden intussen als snelle manier om capaciteit te verzekeren. Nieuwe installaties stuiten echter op stikstofregels en lokale bezwaren. Daardoor schuiven bedrijven naar alternatieven: curtailment beperken, batterijen, en vraag sturen naar momenten met veel wind of zon. Toch lost dat de netcongestie niet in ƩƩn keer op.
Boete Tata Steel zet toon
De recordboete voor Tata Steel IJmuiden markeert strenger toezicht op milieuvervuiling. Het signaal raakt ook andere grootverbruikers, zoals datacenters voor AI. Bestuurders lezen hierin dat milieunormen en handhaving verder worden aangescherpt. Dat zet druk op schonere processen en transparantie over impact.
Voor nieuwe energieprojecten betekent dit zwaardere vergunningsprocedures en meer aandacht voor emissies, geluid en water. Exploitanten van AI-infrastructuur moeten daarom vroegtijdig aantonen hoe zij energie besparen en restwarmte inzetten. Ook CO2-rapportage onder Europese regels weegt zwaarder mee bij investeringsbeslissingen.
De combinatie van schaarse netcapaciteit en strenger milieubeleid maakt planning complex. Bedrijven die uitbreiden zonder stevig duurzaamheidsplan lopen reputatie- en vergunningrisico. Dit kan investeringen richting efficiƫntere hardware en koeling versnellen, naast meer hernieuwbare inkoop.
AI-verordening stuurt overheid en energie
De Europese AI-verordening (AI Act) introduceert plichten voor aanbieders van algemene AI-systemen. Leveranciers van generatieve modellen moeten informatie publiceren over gebruikte rekenkracht, energieverbruik en milieu-impact. Dat helpt overheden en afnemers inschatten hoe zwaar een model op het stroomnet drukt.
Tegelijk verplicht de Europese energie-efficienrichtlijn (EED) datacenters vanaf een bepaalde grootte om energie- en waterdata aan te leveren aan een EU-database. In Nederland sluit dit aan op de energiebesparingsplicht en monitoring door toezichthouders. Samen vergroot dit de zichtbaarheid van de ecologische voetafdruk van AI.
Voor publieke diensten en overheden is de samenloop belangrijk. Bij aanbestedingen van AI-toepassingen kunnen eisen volgen over efficiƫntie, hernieuwbare stroom en dataminimalisatie onder de AVG. Zo raken digitale inkoop, energiebeleid en compliance elkaar direct.
Minder gas met alternatieven
Er zijn wegen om de gasvraag te beperken. Power purchase agreements (PPAās) met Noordzee-wind, batterijopslag en vraagsturing verlagen pieken. AI-training kan worden ingepland op uren met veel hernieuwbare opwek. Voor inferentie kan caching en efficiĆ«ntere datamodellen de belasting verminderen.
Hardware en software maken verschil. Nieuwere GPUās en AI-accelerators leveren meer prestaties per watt. Modelcomprimering en technieken als distillation en sparsity verlagen rekenlast. Dat drukt zowel kosten als energieverbruik.
Warmtebenutting biedt lokaal voordeel. Restwarmte van datacenters kan woningen en kassen verwarmen, mits de infrastructuur beschikbaar is. Zo wordt een deel van het stroomverbruik nuttig ingezet, wat de maatschappelijke waarde vergroot en vergunningen kan helpen.
Toch blijft leveringszekerheid cruciaal voor diensten als ChatGPT en Gemini. Zonder snelle groei van opslag en netverzwaring blijft gas een rol spelen. De beleidsvraag verschuift daarmee naar tempo: hoe snel kan Europa duurzame capaciteit uitrollen, zonder de digitale economie te remmen.
