Vivaldi Technologies presenteert zijn Vivaldi-browser als een alternatief zonder ingebouwde AI-assistent. Het Noorse bedrijf zet, op het moment van schrijven, in op meer controle en privacy voor de gebruiker in Europa. Dit is relevant nu grote browsers AI-functies toevoegen en organisaties worstelen met de Europese AI-verordening (AI Act) en de AVG. Voor overheden en bedrijven kan āgeen ingebouwde AIā praktische gevolgen hebben voor naleving en inkoop.
Vivaldi kiest tegen ingebouwde AI
De Vivaldi-browser bundelt geen eigen chatbot of generatieve schrijftool. Daarmee wijkt het merk af van concurrenten die AI in de zijbalk plaatsen of elk tekstvak verrijken met āschrijf met AIā. Gebruikers kunnen nog steeds AI-diensten gebruiken via websites of extensies, maar dat is een bewuste keuze en geen standaard. De positionering draait om keuzevrijheid en het beperken van datastromen naar externe modellen.
Ingebouwde AI betekent vaak dat tekst, pagina-inhoud of metadata automatisch naar een cloudmodel gaat. Dat kan handig zijn voor samenvatten of herformuleren, maar vergroot ook het risico op onbedoelde datadeling. Vivaldi vermijdt dit door zulke functies niet standaard aan te bieden. Het bedrijf steunt in plaats daarvan op klassieke browserfuncties zoals tabbeheer, notes en een ingebouwde vertaler.
De browser richt zich daarmee op gebruikers die geen proactieve AI willen tijdens browsen. Voor hen is voorspelbaar gedrag belangrijker dan slimme suggesties. Dit sluit aan bij de privacycultuur in Europa en de vraag naar transparantie. Het is ook een manier om technische en juridische complexiteit te beperken.
āIngebouwde AI in browsers is meestal een permanente assistent in de interface die tekst en context naar een extern model stuurt voor generatieve taken.ā
Meer controle en minder data
Vivaldi benadrukt functies die de datastroom beperken, zoals een tracker- en advertentieblokker en gedetailleerde site-instellingen. Telemetrie, data die software naar de maker stuurt, is bij Vivaldi minimaal en uit te zetten. Synchronisatie is optioneel en kan, volgens de documentatie, versleuteld plaatsvinden, zodat de aanbieder geen inhoud kan lezen. Dit past bij het AVG-principe van dataminimalisatie.
Omdat er geen standaard AI-meeschrijver is, worden minder tekstfragmenten en pagina-inhoud gedeeld met externe leveranciers. Dat verkleint de kans dat gevoelige gegevens een model bereiken. Zeker bij gebruik in onderwijs, journalistiek of de zorg kan dit verschil maken. IT-afdelingen houden zo meer grip op wat de browser wel en niet verstuurt.
Voor eindgebruikers betekent dit minder verrassingen en minder āsuggestiesā in de interface. De browser blijft een gereedschap, geen gesprekspartner. Wie toch AI wil, kiest zelf een site of extensie en bepaalt daarmee leverancier en voorwaarden. Die scheiding houdt verantwoordelijkheden duidelijk.
AI-verordening stuurt browserkeuzes
De Europese AI-verordening verplicht aanbieders van generatieve systemen tot transparantie en risicobeperking. Hoewel een browser geen hoogrisico-AI is, kunnen ingebouwde assistenten daar wel onder vallen. Dan gelden eisen voor documentatie, veiligheid en informatie aan gebruikers. Het weglaten van zoān assistent voorkomt dat extra regelgevingslast in de browser zelf terechtkomt.
Ook de AVG blijft leidend, met regels over dataminimalisatie, doelbinding en beveiliging. Als een AI-tekstservice persoonsgegevens verwerkt, is een verwerkersovereenkomst en duidelijke grondslag nodig. Voor overheden en zorginstellingen is dat extra scherp. Minder ingebouwde AI kan de āEuropese AI-verordening gevolgen overheidā beperken bij software-inkoop en audits.
Daarnaast spelen nationale richtsnoeren voor algoritmegebruik en inkoopkaders een rol. Organisaties willen leveranciers die helder zijn over datastromen en opslaglocaties. Een āAI-vrijeā standaardconfiguratie kan dan aantrekkelijk zijn. Het verlaagt de drempel om snel aan compliance te voldoen.
Concurrenten bouwen assistenten in
Microsoft Edge levert Copilot mee, dat draait op modellen van OpenAI zoals GPT-4 en GPT-4o. Google Chrome experimenteert met Gemini-functies voor schrijven en samenvatten. Opera biedt Aria, een ingebouwde chatbot, en Brave levert Leo. Mozilla test een optionele AI-zijbalk, met nadruk op keuze en privacy.
Bij deze modellen gaat data vaak naar de cloud, tenzij er een on-device optie is. On-device AI betekent dat de berekening op het apparaat zelf gebeurt en minder data wegvloeit. Toch is dat niet altijd beschikbaar of even krachtig. Daardoor blijven datastromen en leverancierskeuze een zorgpunt voor privacyteams.
Apple combineert in Safari eigen āApple Intelligenceā met externe modellen, maar de uitrol in de EU is beperkt door regulering en markregels. Dat illustreert hoe Europese wetgeving productkeuzes beĆÆnvloedt. Browsers die AI diep integreren, moeten met meer jurisdicties rekening houden. Vivaldi ontwijkt een deel van die spanning door AI niet in te bouwen.
Wat gebruikers missen en winnen
Zonder ingebouwde AI missen gebruikers snelle knoppen voor samenvatten, herschrijven en brainstormen. Ook contextuele hulp bij formulieren of e-mail staat niet standaard klaar. Wie dat wil, moet een extensie of webdienst kiezen. Dat kost een extra stap, maar geeft ook controle over aanbieder en voorwaarden.
De winst zit in voorspelbaarheid, rust en mogelijk minder rekenlast. De interface blijft overzichtelijk en prestaties zijn stabieler op oudere hardware. Bedrijven zien lagere compliance-risicoās en eenvoudiger configuratie. Dit kan beheer en support goedkoper maken.
De keuze raakt ook toegankelijkheid en onderwijs. Docenten die AI willen beperken tijdens toetsen profiteren van een browser zonder ingebouwde assistent. Tegelijk kunnen studenten voor studiehulp nog steeds externe AI-sites openen. Zo ontstaat een duidelijke scheiding tussen tool en toepassing.
Praktische impact voor Europa
Voor Nederlandse en Europese instellingen kan Vivaldi een āveilige standaardā zijn bij strikte databeleid. Minder ingebouwde algoritmen betekent minder DPIAās en eenvoudiger uitleg aan burgers. Het sluit aan bij de AVG en bij lokale richtsnoeren voor algoritmegebruik. Beleid en technologie vallen zo beter samen.
Marktbreed ontstaat een tweedeling: browsers als platform voor AI versus browsers als neutraal venster. Die keuze beĆÆnvloedt contracten, beveiliging en training van personeel. Inkoopteams zullen scherper letten op wat standaard aanstaat. De komende uitrol van de AI-verordening zal die trend versterken.
Voor consumenten blijft het vooral een vraag van voorkeur. Wie snelle AI-hulp wil, kiest een browser met ingebouwde assistent. Wie privacy en eenvoud vooropstelt, kan uitwijken naar een AI-vrije basis en zelf tools toevoegen. Vivaldi positioneert zich duidelijk in dat laatste kamp.
