In Nederland groeit de zorg over wie betaalt als kunstmatige intelligentie schade veroorzaakt. Bedrijven, verzekeraars en overheden zoeken houvast nu de Europese AI-verordening is aangenomen en nieuwe productaansprakelijkheidsregels volgen. Dit jaar en de komende twee jaar veranderen verplichtingen voor aanbieders en gebruikers, met Europese AI-verordening gevolgen overheid en bedrijfsleven. De kernvraag is wie aansprakelijk is bij fouten van systemen zoals ChatGPT, Google Gemini en Microsoft Copilot.
EU-regels verdelen risicoās
De Europese AI-verordening (AI Act) legt plichten op aan ontwikkelaars, importeurs, distributeurs en gebruikers van algoritmen. Voor hoog-risico systemen gelden extra eisen zoals risicobeheer, dataāhygiĆ«ne, logboeken en menselijk toezicht. Bij nietānaleving kunnen toezichthouders hoge boetes opleggen. Dat verandert hoe risicoās langs de keten worden verdeeld.
Daarnaast moderniseert de nieuwe Productaansprakelijkheidsrichtlijn softwareāschade, updates en datamodellen. Daarmee kan een defect in AIāsoftware, of een gebrekkige update, sneller als productfout gelden. In Nederland blijft het huidige stelsel (art. 6:185 BW) gelden tot omzetting van de EUāregels, op het moment van schrijven voorzien binnen twee jaar. De rol van verzekeraars groeit, omdat claims complexer en technischer worden.
De vraag āwie betaaltā hangt af van ieders rol. De maker van een model (bijvoorbeeld OpenAI), de integrator die het in een product stopt (zoals Microsoft met Copilot), en de organisatie die het inzet in een proces kunnen allemaal aansprakelijk zijn. Contracten, complianceādossiers en feitelijk gebruik bepalen uiteindelijk de uitkomst.
De AIāverordening kent bij verboden praktijken maximale boetes tot 7% van de wereldwijde jaaromzet van een onderneming.
Bewijs bij AI-schade lastig
Bewijs leveren is moeilijk, omdat veel systemen een āblack boxā zijn. Logboeken en technische documentatie helpen om de keten van gebeurtenissen te reconstrueren. De AIāverordening verplicht zulke logging voor hoogārisico systemen, wat benadeelden en verzekeraars kan helpen. Zonder logs is causaliteit lastiger aan te tonen.
Een aparte Europese AIāaansprakelijkheidsrichtlijn die de bewijslast zou verlichten is op het moment van schrijven niet in werking. Benadeelden zijn dus aangewezen op nationaal recht, zoals onrechtmatige daad. In Nederland kunnen zij documenten vorderen om inzicht te krijgen in ontwerpkeuzes en incidenten, bijvoorbeeld via een exhibitieāverzoek.
Het onderscheid tussen gebruikersfout en systeemfout is cruciaal. Voorspelbaar gebruik schetst de zorgplicht van de aanbieder; misbruik kan die doorbreken. Voor generatieve modellen die āhallucinerenā geldt dat waarschuwingen nuttig zijn, maar niet altijd genoeg als de aanbieder aanzette tot risicovol gebruik.
Hoog-risico AI vereist zorg
Hoogārisico AI omvat toepassingen in werving, kredietbeoordeling, onderwijs, medische hulpmiddelen en kritieke infrastructuur. Zulke systemen moeten vooraf worden beoordeeld en voorzien van een CEāmarkering. Er gelden eisen voor biasābeperking, gegevenskwaliteit en menselijk toezicht. Dit verlaagt risicoās en beperkt de kans op claims.
Voor Nederlandse ziekenhuizen, banken en andere gereguleerde sectoren geldt een hogere zorgplicht. Nietānaleving kan leiden tot productaansprakelijkheid of onrechtmatige daad. Een discriminerend selectiesysteem kan bijvoorbeeld schade veroorzaken waarvoor de werkgever opdraait, zeker als waarschuwingen werden genegeerd.
Dataminimalisatie en correct gebruik van persoonsgegevens vallen onder de AVG. Een datalek of onrechtmatige training kan leiden tot schadeclaims op grond van artikel 82 AVG. Deze privacyclaims staan los van, en soms naast, productā of contractclaims.
Contract en polis bepalen uitkomst
Contracten verdelen risicoās via vrijwaringen, aansprakelijkheidslimieten en serviceāniveaus. Te brede āgebruik op eigen risicoāāclausules houden niet altijd stand, zeker niet bij consumenten of kleine bedrijven. In aanbestedingen vragen overheden steeds vaker om harde complianceābewijzen, zoals conformiteitsverklaringen en testrapporten.
Verzekeringen vangen restārisicoās op, maar dekkingen verschillen sterk. Beroepsā en productaansprakelijkheid dekken niet altijd algoritmefouten, IPāclaims of bestuurlijke boetes. Verzekeraars stellen daarom eisen aan logging, modelāupdates, beveiliging en onafhankelijke audits.
Bij openāsource modellen, zoals Llama 3 of Mistral, verschuift de verplichting vaak naar de integrator die het model fijnstemt en uitrolt. Die partij kan in de AIāverordening als aanbieder gelden. Daarmee draagt zij de complianceālast Ć©n een deel van de aansprakelijkheid.
Overheid scherpt waarborgen aan
Publieke diensten gebruiken steeds vaker algoritmen in besluiten over toeslagen, vergunningen en toezicht. De Europese AIāverordening gevolgen overheid zijn groot: inventariseren van systemen, risicoklassen bepalen en transparantie naar burgers. De Algemene wet bestuursrecht stelt al eisen aan motivering en zorgvuldigheid, die met AI overeind moeten blijven.
Transparantie wordt concreter. Burgers moeten weten wanneer AI wordt ingezet en hoe zij bezwaar kunnen maken. Voor gegenereerde media geldt een plicht tot labeling van synthetische inhoud, om misleiding te voorkomen. Een publiek algoritmeregister helpt bij controle en verantwoording.
Organisaties kunnen nu al stappen zetten. Voer een gegevensbeschermingseffectbeoordeling (DPIA) uit bij hoogārisico toepassingen. Eis bij inkoop modelkaarten, risicorapporten en incidentprotocollen, en leg rollen en vergoedingen vast. Zo daalt het schaderisico Ć©n wordt sneller duidelijk wie betaalt als het misgaat.
