De Chinese president Xi Jinping wil de Amerikaanse dominantie in kunstmatige intelligentie doorbreken. In Beijing roept hij partijorganen en grote techbedrijven op om sneller eigen systemen en chips te bouwen. Dit gebeurt nu, terwijl exportbeperkingen de toegang tot Amerikaanse technologie versmallen. Voor Europa en Nederland raakt dit aan chipexport, de AVG en de Europese AI-verordening, met directe gevolgen voor overheid en bedrijfsleven.
China jaagt op rekenkracht
China zet sterk in op rekenkracht, de motor achter AI. Het land bouwt datacenters en koppelt regioās via het āEastern Data, Western Computingā-netwerk. Zo wil Beijing genoeg capaciteit hebben om grote taalmodellen te trainen. Dat is nodig om minder afhankelijk te zijn van Amerikaanse GPUās, speciale chips voor zware berekeningen.
Bedrijven als Huawei leveren eigen AI-chips, zoals de Ascend-serie, en cloudplatforms voor modeltraining. Dit moet het gat dichten dat is ontstaan door Amerikaanse exportregels voor Nvidia-chips. Toch blijft de efficiƫntie van veel Chinese chips achter. Daardoor zijn trainingskosten hoger en loopt de ontwikkeling soms vertraging op.
Meer rekenkracht alleen is niet genoeg. China investeert ook in datasets, algoritmen en talentprogrammaās. Universiteiten en staatsfondsen werken samen met bedrijven als Baidu, Alibaba en Tencent. Het doel is minder inhalen en meer zelf bepalen waar de technologie heen gaat.
Generatieve AI is software die zelf tekst, beeld of code maakt op basis van voorbeelden.
Exportcontroles sturen chipmarkt
De Verenigde Staten beperken sinds 2023-2025 de export van geavanceerde AI-chips en chipontwerpsoftware naar China. Via vergunningen en prestatiedrempels houden zij Nvidia, AMD en andere leveranciers in toom. Dat maakt het voor Chinese bedrijven lastiger om topmodellen te trainen. De maatregel is gericht op zowel commerciƫle als militaire toepassingen.
De Nederlandse overheid past vergelijkbare regels toe voor lithografiemachines van ASML. EUV-systemen en delen van de meest geavanceerde DUV-technologie mogen niet zonder vergunning naar China. Dit raakt Chinese chipfabrikanten die willen opschalen naar kleinere transistoren. Voor ASML en toeleveranciers betekent het strengere compliance en mogelijk gemiste omzet.
Voor Europa blijft leveringszekerheid een strategisch punt. Minder verkoop aan China kan de keten verschuiven richting de VS en andere Aziatische markten. Tegelijk wil de EU via de Chips Act meer productie naar Europa halen. Dat vergt jaren Ʃn blijvende vraag.
Chinese modellen mikken zakelijk
Grote Chinese techbedrijven brengen eigen taalmodellen naar de markt. Baidu biedt ERNIE, Alibaba levert Qwen, Tencent heeft Hunyuan, en ByteDance ontwikkelt Doubao. Ook iFlytek (Spark) en 01.AI (Yi) richten zich op ontwikkelaars en bedrijven. De inzet is helder: toepassingen in klantenservice, code-assistenten en kantoorsoftware.
Deze modellen draaien vaak in Chinese clouds, met strikte overheidsregels rond inhoud en veiligheid. Daardoor zijn benchmarks soms lastig te vergelijken met westerse alternatieven. Bedrijven zetten in op maatwerk met kleinere, snellere modellen. Dat past bij beperktere rekenkracht en lagere kosten.
Open en half-open modellen winnen terrein, onder meer om de ontwikkelgemeenschap te betrekken. Tegelijk kiezen veel partijen voor gesloten varianten in gevoelige sectoren. De overheid stimuleert toepassingen in industrie, zorg en onderwijs. Zo wordt AI gekoppeld aan productiviteit en ānieuwe kwaliteitsproductiekrachtenā, de huidige beleidslijn van Beijing.
EU-regels sturen AI-markt
De Europese AI-verordening (AI Act) geldt op het moment van schrijven gefaseerd. Verboden praktijken gelden eerder; voor hoog-risico systemen komen later strengere plichten. Denk aan risicobeheer, documentatie, menselijke controle en transparantie. Overheden en bedrijven moeten nu al plannen voor naleving maken.
Generatieve modellen met algemeen gebruik (GPAI) krijgen informatieplichten en, bij zeer groot risico, extra eisen. Dit raakt aanbieders van foundation-modellen zoals Qwen, ERNIE en Hunyuan, als zij in de EU actief zijn. Ook wederverkopers en integrators vallen in beeld. Contracten en technische documentatie moeten daarop worden ingericht.
De AVG blijft leidend voor gegevensverwerking. Dataminimalisatie en versleuteling zijn verplicht bij gevoelige data. Gegevensoverdracht naar China vraagt extra waarborgen vanwege het EU-recht. Europese instellingen moeten toetsen op juridische basis, beveiliging en landenrisicoās.
Nederlandse belangen op het spel
Voor Nederland zijn de economische en veiligheidsbelangen groot. ASML en toeleveranciers in Brainport leveren cruciale apparatuur aan de chipketen. Vergunningplichten en geopolitieke spanningen bepalen hier de speelruimte. Diversificatie van klanten en servicecontracten wordt belangrijker.
De overheid stuurt op kennisveiligheid en exportcontrole, met impact op universiteiten en R&D. Samenwerkingen met Chinese instellingen vragen scherpere due diligence. Tegelijk wil Nederland aan de top blijven in halfgeleiders en fotonica. Publieke financiering en Europese programmaās moeten dat ondersteunen.
Voor inkoop van AI-diensten door gemeenten en ministeries geldt extra zorg. Leveranciers moeten voldoen aan de AI Act en de AVG. Opslaglocatie, auditbaarheid en exit-strategie horen standaard in het contract. Dit verkleint afhankelijkheden en juridische risicoās.
Strategische race zonder eindstreep
De AI-wedloop tussen China en de VS versnelt, met chips en cloud als drukpunten. Xi Jinping koppelt AI aan economische groei en nationale veiligheid. Washington zet in op controle over kritieke technologie. Daardoor verschuift de markt continu door regels, vergunningen en nieuwe allianties.
Europa moet intussen balanceren tussen open handel en strategische autonomie. De AI Act en de Chips Act geven een richting, maar vragen uitvoering en investeringen. Bedrijven zullen scenarioās moeten doorrekenen voor supply chains en rekenkracht. Wie tijdig anticipeert, beperkt kosten en lock-ins.
Voor Nederlandse organisaties ligt de focus op drie punten: naleving, risicoās in de keten en toegang tot rekenkracht. Concreet betekent dit strengere vendorselectie en meer technische documentatie. Ook het combineren van Europese cloudopties met efficiĆ«ntere modellen helpt. Zo blijft innovatie mogelijk binnen de grenzen van recht en veiligheid.
